Jhr. Bodo Sandberg is op 23 september 1914 in Rotterdam geboren als zoon van Jhr. Johan Sandberg en zijn eerste echtgenote, Wilhelmina Kraal. Hij gaat naar het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM) in Den Helder. Op 26 augustus 1939 is hij de eerste Nederlander die een buiklanding maakt. Op 23 november 1939 trouwt hij met Catherine Brugsma (zuster van W.L. Brugsma). Hun zoon Steven wordt na negen maanden geboren. In 1937 vloog hij de eerste Fokker G-1 jachtvliegtuigen van Schiphol naar vliegveld Soesterberg, zij golden als heel bijzonder. In de eerste plaats door hun twee staarten. In de tweede plaats waren ze snel en wendbaar. Het was een voor die tijd betrekkelijk grote machine. Iets groter dan de latere Gloster Meteor. In totaal waren er 36 van besteld. Als de oorlog uitbreekt, is hij op een vliegveld bij Bergen in Noord-Holland gelegerd, dat kort tevoren in gebruik is genomen. Daar maakt hij deel uit van de 4e JaVA. Na het eerste bombardement aldaar wordt hij naar Schiphol gestuurd. Op 13 mei 1940 begeleiden twee G-1 vliegtuigen de T5 856, de enige Fokker T5 die Nederland nog heeft. Hun opdracht is om de Moerdijkbruggen te bombarderen opdat de Duitsers de rivier niet kunnen oversteken. Bodo vliegt in een G1 met sergeant van den Breemer. Bij Dordrecht worden de drie vliegtuigen door Messerschmitt 109 aangevallen. Alleen zijn vliegtuig overleeft die aanval, de bommenwerper en de andere G-1 worden bij Ridderkerk geraakt en storten daar brandend neer. Na de capitulatie probeert hij naar Engeland te gaan om de strijd tegen de nazi's voort te zetten. Hij onderneemt zijn eerste poging samen met Christiaan den Hoed, George Haspels, Eric Plate en Jan Versteegh. Ze willen via België, Frankrijk en Spanje uiteindelijk Portugal bereiken, maar komen niet verder dan Poligny, Frankrijk. Daar wordt het vijftal verraden en gearresteerd, waarna ze in een krijgsgevangenenkamp buiten Lyon belanden. Het lukt hen de auto van de kampcommandant te stelen en te ontsnappen. Alle vijf keren uitgehongerd en ziek in Nederland terug. De tweede poging onderneemt hij met Jan Bosch, Faam Janssens en Ad Kanters. Ze vertrekken op 10 mei 1942 en bereiken Zwitserland, waar ze in een kamp tewerkgesteld worden. Met Jan Bosch reist Bodo via Spanje door naar Engeland waar hij op 8 mei 1943 per vliegtuig (K.L.M.) vanuit Lissabon in Bristol aankomt. Op 29 mei 1943 wordt hij aan de luchtmacht toegewezen. Hij wordt in 1944 naar de Royal Netherlands Military Flying School in Jackson, Mississippi, gestuurd waar hij in Amerikaanse jachtvliegtuigen traint (o.a. de Curtiss P-40 Warhawk). Hij haalt zijn brevet waarnemer op 26 januari 1944 en wordt op 15 februari 1944 overgeplaatst naar Australië. Hij gaat ook naar Nieuw-Guinea, waar hij vanuit Merauke tegen de Japanners vecht. Na de oorlog krijgt hij nog een zoon. Hij blijft actief in de Nederlandse Luchtmacht als jachtvlieger en vlieginstructeur. Hij is squadroncommandant van het 322 Squadron dat met Supermarine Spitfires vloog vanaf de Nederlandse vliegbasis Soesterberg. Na een crash met een Spitfire bij Soesterberg waarbij Sandberg zwaargewond raakt en ternauwernood aan de dood ontsnapt en een leerlingvlieger, Arius van Tienhoven, op weg naar het ziekenhuis overlijdt. Sandberg wordt daarna luchtmachtattaché voor de vier Scandinavische landen bij de Nederlandse Ambassade te Oslo in Noorwegen. Op 1 december 1959 wordt hij chef basisdienst van de Nederlandse Luchtmachtbasis vliegveld Ypenburg. Per 1 april 1967 krijgt hij eervol ontslag. Hij kocht een huis op Ibiza, waar hij ieder jaar maandenlang overwinterde. Bodo Sandberg is op 2 mei 2005 in Bentveld overleden en op 4 mei gecremeerd.
Bron: Digitaal Monument Engelandvaarders
Bodo Sandberg (Rotterdam, 23 september 1914 - Bentveld, 2 mei 2005) was een Engelandvaarder, luitenant-kolonel en jachtvlieger. Hij was actief tijdens de Duitse aanval op Nederland en wist daarna succesvol naar Engeland te ontkomen. Daarna heeft Sandberg nog meegevochten tegen de Japanners.
Bron: Stichting WO2Net | Oorlogsbronnen.nl