Johan (Jean) Hendrik Weidner is op 22 oktober 1912 geboren in Brussel als zoon van Nederlandse ouders. Zij leren hem dat het een christelijke plicht is om mensen in nood te helpen. Hij en zijn zus Gabrielle groeien op in Zwitserland, 500 meter van de Franse grens en 3 km van Genève. In zijn vrije tijd klimt hij in de bergen. Zijn vader doceert Latijn en Grieks bij het Kerkgenootschap der Zevende-dags Adventisten. Tegen zijn vaders zin besluit hij het bedrijfsleven in te gaan. In 1935 opent hij een textielzaak in Parijs. Na de bezetting van Frankrijk vlucht hij naar Lyon, in het onbezette deel van Frankrijk, terwijl Gabrielle naar Parijs terugkeert. In Lyon begint hij een nieuwe textielzaak. In 1941 richt Jean de organisatie 'Dutch-Paris' op. Om aan passen te komen waarmee hij het Zwitserse grensgebied in en uit kan gaan, zet hij eind 1942 een tweede textielwinkel op in Annecy. Dutch-Paris groeit uit tot een van de belangrijkste en meest succesvolle ondergrondse netwerken die ruim 1000 gezochten voor geloof en ras, maar ook geallieerde piloten helpen ontsnappen naar Engeland via Zwitserland en Spanje. Dutch-Paris wordt tevens gebruikt voor het naar Engeland smokkelen van documenten (de 'Zwitserse weg'). In de hoogtijdagen maken 300 mensen deel uit van Dutch-Paris, van wie er ongeveer 150 worden gearresteerd. Veertig leden worden gedood of sterven aan de gevolgen van gevangenschap. De ontsnappingsroute heeft in belangrijke mate bijgedragen aan het Franse verzet en is verantwoordelijk voor de redding van meer dan 1.080 mensen, onder wie 800 Nederlandse Joden, meer dan 112 neergehaalde geallieerde piloten en 34 Engelandvaarders zoals Pieter Dourlein, Gerrit van Heuven Goedhart, Charles Pahud, Bob van der Stok en Ben Ubbink. Jean was een van de meest gezochte ondergrondse leiders van Frankrijk. De Gestapo loofde een beloning uit voor zijn arrestatie. Op zaterdag 28 februari 1944 wordt tijdens de kerkdienst een jonge vrouwelijke koerier door de Franse politie opgepakt en meegenomen naar de Rue des Saussaises, waar zij werd uitgeleverd aan de Gestapo. Tegen alle regels in heeft ze een kladblok bij zich met namen en adressen van Dutch-Paris leden. Onder marteling onthult ze de namen van belangrijke leden van het ondergronds netwerk. Als gevolg daarvan wordt een groot aantal leden van Dutch-Paris gearresteerd. Ook de naam van Gabrielle staat in het kladblok. Daarna wordt ze overgebracht naar de gevangenis in Fresnes. Zij belandt uiteindelijk in het concentratiekamp Ravensbrück. Daar sterft ze aan ondervoeding enkele dagen na de bevrijding door de Russen. Jean zelf is door zowel de Franse gendarmerie als door de Zwitserse grenspolitie gearresteerd, maar na mishandeling wegens gebrek aan bewijs vrijgelaten. Bij zijn laatste arrestatie wist hij, met hulp van een bewaker, langs twee slapende bewakers de administratie te bereiken. De volgende ochtend sprongen ze vanaf de eerste verdieping naar de straat. In november 1944, na de bevrijding van Frankrijk, wordt Jean door koningin Wilhelmina uitgenodigd naar Londen te komen. Hij wordt benoemd tot kapitein in de Nederlandse krijgsmacht, waarna hij de leiding krijgt over de Nederlandse veiligheidsdienst in Parijs, die tot doel heeft collaborateurs te arresteren. Medio 1946 keert Jean terug naar zijn Parijse textielzaak. In 1955 emigreert hij naar de Verenigde Staten, waar hij een keten van natuurvoedingswinkels exploiteert. Weidner emigreert naar Californië en opent in Pasadena een winkel waar hij gezond eten verkoopt. Hij overlijdt op 21 mei 1994 in Monterey Park, Californië. In Israël is in zijn naam een groepje bomen geplant op de herdenkingsheuvel langs de Laan der Rechtvaardigen. Over de ontsnappinslijn van Jean en Gabrielle Weidner heeft Megan Koreman een boek geschreven: Gewone helden, De Dutch-Paris ontsnappingslijn 1942-1945 (2016).
Bron: Digitaal Monument Engelandvaarders